Eekhoorntjesmos

Eén van de doelsoorten van de mossenexcursie van vorig dinsdag: Eekhoorntjesmos (Leucodon sciuroides).  Tijdens één van de voorbije jaren werd op 1 boom in het gebied 1 plukje van dit zeldzame mosje gevonden…  Zou het er nog staan ?  En welke boom was het ook alweer …???  Tegen het einde van de excursie kwamen we in het gebied waar het “ongeveer” geweest moet zijn.  “Het was op een Vlier  (Sambucus sp.) – zeker weten !” – zo wist Leo nog.  Nu ja, Vlieren genoeg in het beoogde gebiedje, maar welke.  Uiteindelijk werd het plukje teruggevonden – het stond al de hele tijd met zijn pluimstaartjes te zwaaien naar de groep – recht op ooghoogte – op een Vlier !  (De foto’s zijn van vandaag, zaterdag, omdat twee eerdere pogingen om er foto’s van te maken steeds in de kiem gesmoord werden door de nogal “opdringerige” paardjes die sinds vorige woensdag de “beheerswerken” in de Pont weer voor hun rekening gaan nemen).

Eekhoorntjesmos (Leucodon sciuroides) - Schilde 27/03/2010

De naam van dit mosje werd afgeleid van het pluimstaartachtige uiterlijk, zeker in droge toestand van het mos.  Zelfs de wat rossige kleur komt overeen met de pluimstaarthouder bij uitstek: de Eekhoorn (Sciurus vulgaris) (Merk je ook de overeenkomst in de wetenschappelijke naamgeving?).

Eekhoorntjesmos (Leucodon sciuroides) - Schilde 27/03/2010

Voorzichtigheid bij de determinatie blijft geboden, want op het eerste zicht lijkt het mos in droge toestand op bijvoorbeeld het Gewoon zijdemos (Homalothecium sericeum) dat ik reeds eerder besprak, en op nog enkele andere soorten.  Microscopisch onderzoek is meestal aangewezen om zekerheid te hebben.  Ik ga hier niet in detail in op de verschillen, daar is gespecialiseerde literatuur voldoende voor.

Prachtig om zien is hoe het mos van uiterlijk verandert na een regenbui.  De droge blaadjes worden heel dicht tegen mekaar gehouden nabij de gekrulde stengel.  Door de lengteplooien in het blad, schrompelt het ook helemaal in mekaar tot een zeer smal blaadje. (Zie ook de foto hier net boven).  Wanneer het mosje vochtig wordt, spreiden de blaadjes zich van de stengel weg en plooien ze helemaal open – een ware gedaanteverandering!  Je kan dit heel mooi merken in de twee volgende foto’s:

VOOR:

Eekhoorntjesmos (Leucodon sciuroides) - Schilde 27/03/2010

NA:

Eekhoorntjesmos (Leucodon sciuroides) - Schilde 27/03/2010

Wanneer de blaadjes zo mooi af staan, merk je ook de veelvuldig voorkomende broedlichaampjes die er tussen verborgen zitten (de kleine oranje/gele korreltjes op de onderstaande foto).

Eekhoorntjesmos (Leucodon sciuroides) - Schilde 27/03/2010

In het Zuiden van ons land komt de soort iets vaker voor, maar zeker in Vlaanderen is het mos door haar gevoeligheid voor de luchtkwaliteit een zeldzaamheid geworden.

Eekhoorntjesmos (Leucodon sciuroides) - Schilde 27/03/2010

Gekroesde haarmuts

Nog een vertegenwoordiger van de haarmutsen: de Gekroesde haarmuts (Orthotrichum pulchellum).  Het opmerkelijke bij deze soort is dat de blaadjes in droge toestand heel gekroesd zijn (vandaar uiteraard de naam.)  Het mos lijkt dan heel sterk op een verwant geslacht: Ulota (Kroesmossen).  Niet altijd even eenvoudig!

Gekroesde haarmuts (Orthotrichum pulchellum) - Schilde 24/03/2010

Heel mooi zijn hier de calyptra (huikjes) op de onrijpe sporenkapsels.  Ongewoon voor dit geslacht is dat de huikjes onbehaard zijn (Een onbehaarde haarmuts – je moet maar kunnen volgen he :-) ).  Ze zijn steeds lichtjes geplooid, hebben een donkerbruin topje en een reeks donkere puntjes op de onderzijde.  Vanwege dit leuke uiterlijk krijgen ze ook wel de naam “plooirokjes” toebedeeld.  De beide onderste foto’s zijn twee plantjes die midden een plek Helmroestmos (Frullania dillatata) stonden.  Ze zijn ongeveer een cm hoog, dus hier kwam weer behoorlijk wat macro-werk aan te pas.  Om ze te bewonderen neem je best een goede loep mee…

Gekroesde haarmuts (Orthotrichum pulchellum) - Schilde 24/03/2010

Gekroesde haarmuts (Orthotrichum pulchellum) - Schilde 24/03/2010

Broedhaarmuts

Vandaag een mosje dat we dinsdag vonden op de mossenexcursie.  Broedhaarmuts (Orthotrichum lyellii) behoort tot het zeer omvangrijke en vaak lastig te determineren geslacht Orthothrichim.  In de Beknopte Mosflora van Nederland en België staan niet minder dan 25 soorten vermeld voor dit genus.  Over de Gesteelde haarmuts (Orthotrichum anomalum) schreef ik reeds op 15 maart een berichtje.

Broedhaarmuts (Orthotrichum lyellii) - Schilde 24/03/2010

Een toch relatief eenvoudig te onderscheiden soort is de Broedhaarmuts die bruingroene zoden op stammen van bomen vormt die tot 5 cm hoog kunnen worden.  Hét determinatiekenmerk bij uitstek zijn de veelvuldig voorkomende roodbruin aangelopen broedkorrels die over de bladeren verspreid staan.  Je kan ze op de onderstaande foto’s heel makkelijk terugvinden.  Ze geven het mos een eerder vuil aandoende indruk waardoor het niet dadelijk de meest fotogenieke soort is.

Broedhaarmuts (Orthotrichum lyellii) - Schilde 24/03/2010

Kapsels zijn rijp in juli en augustus, maar ze zijn deze soort zelden te vinden – de verspreiding gebeurt dan ook bijna hoofdzakelijk door middel van de broedkorrels.  Op de foto hieronder merk je links onderaan een klein lichtbruin puntje dat uit het scherptevlak van de foto valt: een jong sporenkapsel.  In het zuiden van het land komt deze soort algemeen voor, maar bij ons is ze eerder zeldzaam.

Broedhaarmuts (Orthotrichum lyellii) - Schilde 24/03/2010

Purpersteeltje

Purpersteeltje is een van de meest algemene mossen die je kan tegenkomen.  Omdat er al meer dan voldoende “determinatiefoto’s” van bestaan koos ik, geïnspireerd door het prachtig doorvallende licht – voor een iets meer “artistieke” impressie en laat de foto’s voor zich spreken.  De miniatuurwereld van de mosjes kan wonderbaarlijk sprookjesachtig zijn !

Purpersteeltje (Ceratodon purpureus) - Kalmthout 18/03/2010

Purpersteeltje (Ceratodon purpureus) - Kalmthout 18/03/2010

Purpersteeltje (Ceratodon purpureus) - Kalmthout 18/03/2010

Geplaatst in Mossen. Tags: , . 1 reactie »

Grijs kronkelsteeltje

Vandaag nog een mos onder de aandacht dat we massaal terugvonden op de Kalmthoutse heide: Het Grijs kronkelsteeltje (Campylopus introflexus).

Het is een mos dat heel algemeen voorkomt op zandgronden en eenvoudig te determineren is. Vooral wanneer het mos massaal begint te kapselen, begrijpen we de Nederlandse naam “kronkelsteeltje”.  De kapsels staan op heel erg teruggeslagen, zodat de eigenlijke kapsels meestal omlaag hangen en tussen de blaadjes verborgen blijven.  Van bovenaf gezien krijg je dan een mooi patroon van kapstelsteeltjes zoals op de volgende foto.

Grijs kronkelsteeltje (Campylopus introflexus) - Kalmthout 18/03/2010

Een ander mooi determinatiekenmerk zijn de lange glasharen op de bladtoppen.  In droge toestand gaan die haaks op de bladtop staan en vormen ze als het ware sterretjes bovenop de mosplant – een heel mooi effect.

Grijs kronkelsteeltje (Campylopus introflexus) - Kalmthout 18/03/2010

De functie hiervan is tweevoudig en heeft te maken met het bijhouden van vocht !  De glasharen reflecteren het zonlicht in die mate dat het microklimaat eronder net iets wijzigt en de vochtigheidsgraad hoger kan blijven.  Hoe droger het mos, hoe meer nood er is aan het bijhouden van het vocht, zodat dat de glasharen bijna horizontaal gaan liggen, terwijl ze in vochtige toestand bijna verticaal staan.  Deze plaatsing heeft ook een effect op de luchtcirculatie en helpt op die manier ook om verdamping tegen te gaan.   Alweer een ongelooflijk ingenieus systeem om wisselende omstandigheden aan te kunnen !

Grijs kronkelsteeltje (Campylopus introflexus) - Kalmthout 18/03/2010

De laatste jaren is het mos in volle uitbreiding, zodanig zelfs dat het in sommige gebieden de oorspronkelijke mosflora gaat verdringen.  Het vormt uitgestrekte groene tot bruingroene zoden waar heel vaak grote plukken uitgerukt zijn als gevolg van vogels die onder de mosplantjes naar voedsel komen zoeken.

Geplaatst in Mossen. Tags: , . Reageer »

Ruig haarmos

Wie dezer dagen door de Kalmthoutse heide (Grenspark De Zoom) wandelt, komt ze ongetwijfeld tegen: “Rosse” plekken op de open zandvlaktes…

Ruig haarmos (Polytrichum piliferum) - Kalmthout 18/03/2010

Wie de moeite doet deze plekken van dichterbij te gaan onderzoeken, merkt dat deze het gevolg zijn van het massaal kapselen van het Ruig haarmos (Polytichum piliferum).  Dit mos is een typisch mos van open stuifzanden waar het tapijten kan vormen van tientallen vierkante meter en daarmee een essentiële rol speelt in het vastleggen van het stuivende zand.  Het is dus niet verwonderlijk dat het massaal voorkomt op de Kalmthoutse heidegebied.

Ruig haarmos (Polytrichum piliferum) - Kalmthout 18/03/2010

De sporenkapsels van dit mos zijn in jonge toestand fel rood gekleurd en ook de mannelijke planten vallen op door hun wijnrode perigonium. Beide zijn te zien op onderstaande foto: een tapijtje van mannelijke planten waartussen enkele jonge sporenkapsels uitsteken.

Ruig haarmos (Polytrichum piliferum) - Kalmthout 18/03/2010

Wie de sporenkapsels van nog dichterbij gaat bekijken merkt meteen dat dit een haarmos is: het huikje dat het jonge kapsel (dat het meest waardevolle onderdeel van de plant bevat: de sporen) moet beschermen tegen de zware omstandigheden van het open landschap (regen, wind met meegevoerde zandkorrels, …) is volledig opgebouwd uit fijne haartjes die een hecht geheel vormen.  Naarmate het sporenkapsel rijpt, zal het huikje scheuren om uiteindelijk af te vallen zodat de sporen die in het kapsel zitten, vrijgelaten kunnen worden.

Op de onderstaande foto’s merk je hoe dat in zijn werk gaat:

Ruig haarmos (Polytrichum piliferum) - Kalmthout 18/03/2010

Ruig haarmos (Polytrichum piliferum) - Kalmthout 18/03/2010

Ruig haarmos (Polytrichum piliferum) - Kalmthout 18/03/2010

Op de laatste foto merk je ook de kenmerkende glasharen op de bladtoppen die deze soort onderscheiden van een ander vaak voorkomend haarmos in heidegebieden: het Zand-haarmos (Polytrichium juniperinum).  Bij deze soort ontbreken de glasharen en zijn de bladtoppen eerder bruin gekleurd.  Beide soorten komen ook vaak door mekaar voor wat het niet altijd even makkelijk maakt ze te onderscheiden (als dat dan al nodig is :-) )

Geplaatst in Landschap, Mossen. Tags: , , . Reageer »

Gewoon Schijfjesmos

Zoals beloofd een berichtje over het Gewoon Schijfjesmos (Radula complanata) dat we dinsdagochtend op de zelfde stam aantroffen als het Helmroestmos (Frullania dilatata).

Gewoon schijfjesmos (Radula complanata) - Ranst 17/03/2010

Gewoon schijfjesmos behoort eveneens tot de levermossen en kan in het veld wel eens voor jonge exemplaren van het Helmroestmos gehouden worden.  Het vaak samen voorkomen in hetzelfde biotoop zorgt er voor dat extra alertheid geboden is.  Het mos heeft ronde blaadjes, die mekaar dakpansgewijs overlappen en is gelig-groen gekleurd.  De roestkleur die we bij Helmroestmos vonden, komt bij deze soort niet voor.  Aan de randen van de stengelbladeren komen heel vaak broedkorrels voor, nog een kenmerk waardoor het zich van Helmroestmos onderscheidt.  Op onderstaande foto kan je dit merken in de linkeronderhoek.

Gewoon schijfjesmos (Radula complanata) - Ranst 17/03/2010

Op de laatste foto van deze soort kan je mooi een opengesprongen sporenkapsel zien.

Gewoon schijfjesmos (Radula complanata) - Ranst 17/03/2010

Helmroestmos

Het Helmroestmos (Frullania dilatata) behoort tot de levermossen.  De roestbruine kleur gaf aanleiding tot de Nederlandse naam en je kan er inderdaad niet echt omheen: het mos vormt matten met kleurschakeringen die van groen tot bruin variëren.  Dit kleurenpalet maakt voor mij dit mos tot een heel aantrekkelijke verschijning.

Helmroestmos (Frullania dilatata) - Ranst 17/03/2010

Het mos is niet echt zeldzaam, maar door de voorkeur voor bomen die in vochtige omgeving staan (broekbossen bv.) zijn de biotopen waar we het aantreffen meestal iets minder evident te betreden en is de kans dat je het mos op een gewone wandeling tegenkomt toch wat kleiner.

Helmroestmos (Frullania dilatata) - Ranst 17/03/2010

Tijdens de mossenexcursie afgelopen dinsdag in het Vrieselhof (Oelegem – Ranst) konden we het op twee plekken kort bij het wandelpad aantreffen op ongeveer anderhalve meter hoogte op een boomstam.  Opmerkelijk was het voorkomen op dezelfde boomstammen van het Bleek boomvorkje (Metzgeria furcata) (hierover schreef ik reeds vroeger een berichtje) en Schijfjesmos (Radula complanata) (dat bericht volgt één van de volgende dagen).  Blijkbaar vinden we dit mossentrio vaak op dezelfde groeiplaatsen (hetgeen ook door de literatuur wordt bevestigd).

Aangezien het dinsdagvoormiddag betrokken en grauw weer was, heb ik gewacht op het voorspelde lentezonnetje van woensdag om er enkele foto’s van te gaan maken.

Helmroestmos (Frullania dilatata) - Ranst 17/03/2010

Bijzonder bij dit mos is de manier waarop het probeert om water op te slaan: De bovenlob van de bladeren is rond en helmvormig gekromd (het tweede deel van de Nederlanse naam !), de onderlob daarentegen is steeds zakvormig.  Hierdoor kan tussen de beide lobben voldoende water bewaard worden om uitdroging te voorkomen. Zo zie je maar weer dat elk mos zijn unieke aanpassing aan de omstandigheden heeft …

Helmroestmos (Frullania dilatata) - Ranst 17/03/2010

Riempjesmos

Riempjesmos (Rhytidiadelphus loreus) behoort tot de Etagemosfamilie (Hylocomiaceae).  Van het genus Rhytidiadelphus (Haakmos) komen in België en Nederland 4 soorten voor.  Veruit de algemeenste en bekendste vertegenwoordiger is het Gewoon Haakmos (Rhytidiadelphus squarrosus) dat vaak massaal in grasvelden (gazons, parken, wegranden,…) voorkomt. (Deze soort  is zo algemeen dat ik er tot op heden – zoals zo vaak bij soorten die je elke dag tegenkomt – nog steeds geen foto van gemaakt heb.  Ze staat dus op mijn To-do-lijstje…).

Riempjesmos (Rhytidiadelphus loreus) - Schilde 09/03/2010

Riempjesmos is een forsere soort die voorkomt in oude bossen op leem en kleileem maar in ons land zeldzaam is.  Heel kenmerkend voor alle haakmossen is de bladvorm waaraan ze hun Nederlandse naam danken: de blaadjes liggen met hun onderste helft dicht tegen de stengel aan, maar buigen dan plots haakvormig terug zodat de bladpunten naar beneden wijzen.

Riempjesmos (Rhytidiadelphus loreus) - Schilde 09/03/2010

De stengels en takken van Riempjesmos zijn rood tot bruinrood en voelen erg stug aan.  Aan de top van de takken zijn de bladeren naar één kant gekromd, wat het onderscheid met Gewoon haakmos vergemakkelijkt.

Riempjesmos (Rhytidiadelphus loreus) - Schilde 11/03/2010

Voor het verschil met het erg gelijkende Pluimstaartmos (Rhytiadelphus triquetus) moet dan weer gekeken worden naar de bladnerven die bij Pluimstaartmos dubbel zijn en tot halverwege het blad reiken, terwijl ze bij Riempjesmos nagenoeg ontbreken.   (Vaak is die kenmerk niet zo een voudig te zien zodat zelfs onder “kenners” hierover enige onzekerheid kan ontstaan…).

Riempjesmos (Rhytidiadelphus loreus) - Schilde 11/03/2010

Gesteelde haarmuts

De familie van de Haarmutsen (Orthotrichaceae) is een lastige mosfamilie om tot op de soort te determineren.  Indien kapsels of broedkorrels ontbreken zijn een aantal soorten zelfs niet of nauwelijks op naam te brengen.  Gelukkig zijn er enkele soorten die toch met betrekkelijke zekerheid in het veld zonder al te veel hulpmiddelen te herkennen zijn.

Gesteelde haarmuts (Orthotrichum anomalum) - Ranst 15/03/2010

Eén ervan kwam ik deze namiddag tegen op grote stukken beton in de buurt van de AWW in Broechem.  De Gesteelde haarmuts (Orthotrichum anomalum) is een soort die meestal epilytisch (op steen) te vinden is, dit in tegenstelling tot de meeste andere genusgenoten die we het vaakst op hout (epifytisch) terugvinden.

Gesteelde haarmuts (Orthotrichum anomalum) - Ranst 15/03/2010

Jonge sporenkapsels zijn groen en bedekt met een spaarzaam behaard lichtbruin huikje (vandaar de naam “Haarmuts” in het Nederlands), terwijl rijpe sporenkapsels eerder donker, roodachtig bruin zijn.  De steeltjes (setae) van deze kapsels zijn tussen de 2 en 4 mm lang, wat deze soort onderscheidt van de andere steenbewonende Haarmutsen.  Het ontbreken van glasharen op de bladtoppen is dan weer het beste onderscheid met de Grijze haarmuts (Orthotrichum diaphanum).

Op deze foto’s zie je nog jong gevormde sporenkapsels met hun huikje.

Gesteelde haarmuts (Orthotrichum anomalum) - Ranst 15/03/2010

Gesteelde haarmuts (Orthotrichum anomalum) - Ranst 15/03/2010

Geplaatst in Mossen. Tags: , . 1 reactie »
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.